DRIJFVEREN: interview met documentaire fotograaf Nico Bastens

D R I J F V E R E N

In het kader van een reeks interviews getiteld “DRIJFVEREN”, interview ik bekende en minder bekende Limburgers over hun heilige vuur. Wat drijft deze bijzondere mensen eigenlijk, diep van binnen? Waar vinden zij dat het om draait in het leven?  Ze hebben met elkaar gemeen dat ze succesvol zijn (geweest). Hoe hebben ze dat voor elkaar gekregen? En heeft het succes hen ook gelukkiger gemaakt?

Op een druilerige en kille dag praat ik, gezeten in de warme en gezellige woonkamer van zijn karakteristieke huis, met Nico Bastens. Nicolaas Petrus Bastens, geboren in Maastricht op 19 juni 1958, is zelfstandig fotograaf met een specialisatie in documentaire fotografie. Met ingang van 1 januari 2016 heeft hij zijn baan als hoofd van de financiële afdeling van een woningcorporatie na 33 jaar achter zich gelaten om alsnog zijn hart te volgen en zich volledig te gaan toeleggen op fotografie. Inmiddels is hij in het bezit van diverse nominaties en awards, waaronder de derde prijs bij de Zilveren Camera in 2013, exposeert hij zijn werk regelmatig in binnen- en buitenland en mocht hij onlangs zelfs het Belgische en Nederlandse Koningspaar toespreken. Nico Bastens is getrouwd met Vera en woont met poes Noortje in Meerssen.

“Je hebt maar weinig nodig om gelukkig te zijn”

Wanneer wist je dat je wilde gaan fotograferen?

Fotograferen is altijd al een hobby van me geweest. Het is begonnen toen ik een jaar of twaalf was en ik van mijn verjaardagsgeld een Agfa Instamatic camera kocht. Later, op zestienjarige leeftijd, heeft mijn vader me zijn Ilford Sportsman camera gegeven. Mijn vader was eerder ook al geïnteresseerd in fotograferen. Begin negentiger jaren ben ik allerlei cursussen fotografie gaan volgen. In die tijd maakte ik nog vooral dia’s en analoog zwart-wit.

Fotograferen was dus je passie. Waarom heb je er toch voor gekozen om een hele andere beroepsopleiding te gaan doen?

Op de mavo en ook de havo wist ik nog niet wat ik wilde. Omdat ik in sommige vakken minder goed was en een vakkenpakket moest kiezen, kwam ik in een bepaalde richting terecht. Nu worden scholieren daarin beter begeleid en is er ook meer aandacht voor kunstzinnige vakken.

Kwam jij uit een gezin dat jou wel die ruimte zou hebben gegeven als je destijds iets kunstzinnigers had willen doen?

Dat denk ik zeker wel. Zo kreeg ik van mijn ouders vroeger een gitaar omdat ik dat een mooi instrument vond. Maar gitaarspelen zat niet in mij (lacht). Na de havo ben ik de pedagogische academie gaan doen, maar daar was helaas geen baan in te krijgen. Toen ik in 1982 uit militaire dienst kwam, ben ik daarom een opleiding gaan doen in de administratieve richting, waarna ik later datzelfde jaar bij Woningvereniging Meerssen ben begonnen.

Je hebt het voor elkaar gekregen om naast een fulltime baan als hoofd van de financiële afdeling van een woningcorporatie in je vrije tijd aan een driejarige opleiding van de Nederlandse Fotovakschool te beginnen, waar je in 2009 afstudeerde. In maart 2011 ben je verder gaan studeren aan de Fotoacademie in Amsterdam, waar je in juni 2012 cum laude afstudeerde in de documentaire fotografie. Waarom juist die fascinatie voor documentaire fotografie?

Omdat deze vorm van fotografie midden in het leven staat, de mens vaak centraal zet en dingen zichtbaar maakt die je soms niet ziet.

Als amateur fotograaf heb je al diverse prestigieuze prijzen en nominaties in de wacht gesleept. Daarnaast exposeer je geregeld in binnen- en buitenland. Aan welke factoren schrijf jij jouw succes toe?

Aan passie en doorzettingsvermogen. Maar ook inlevingsvermogen en respect voor anderen spelen mee, net als de ondersteuning van Vera.

Heb je iets moeten overwinnen om succesvol te kunnen worden?

Ja, mijn onzekerheid. Op de fotoacademie heb ik momenten gekend die heel confronterend waren omdat mijn werk werd afgekraakt. Dan dacht ik wel eens: Ok Nico, wat ben je in godsnaam hier aan het doen? Ik heb toen geleerd dat ik moest doorzetten, want op deze manier wilden ze het beste uit me halen. Daarvoor moest ik dus mijn onzekerheid overwinnen. En ik heb soms last van mijn bescheidenheid omdat ik het nog steeds moeilijk vind om mijn werk te promoten.

Toen je dit succes kreeg, voldeed dit toen helemaal aan jouw verwachtingen of was het in werkelijkheid anders dan je had gedacht?

Dat wisselt nogal eens. De expositie in Centre Ceramique (getiteld “Over Leven” met daarin de projecten “Armenian Perseverance” en “Jesse en Habib” in het voorjaar van 2014 in Maastricht, red.) overtrof al mijn verwachtingen, dat was fantastisch. Toen ik daarentegen die zilveren camera prijs had gewonnen, had ik gedacht dat er veel op me af zou komen maar dat bleek dus niet het geval. Ik hoor ook vaak dat men jong talent een kans wil bieden terwijl ik denk: ook met ouder talent is niks mis (lacht). Ik lach er wel bij maar meen dit ook serieus.

Heeft het succes in de fotografie jou als persoon ook gelukkiger gemaakt?

Ja, van zo’n prijs als de zilveren camera, een nominatie of een foto-expositie word ik gelukkig.

Heeft het succes jou ook als persoon veranderd?

Ja, al die successen helpen wel mee om je vertrouwen in eigen kunnen te vergroten. Al blijft er altijd wel een vorm van onzekerheid bestaan. Zo was ik verbaasd toen ik toelatingsexamen moest doen voor de Fotoacademie en ik meteen mocht beginnen aan het laatste jaar van de vier die daarvoor stonden.

Tot hoever ben jij bereid te gaan voor het ultieme succes? Zet je daarvoor alles opzij of heb je hierin wel grenzen voor jezelf?

Dat vind ik een moeilijke vraag. Wat ik geweldig zou vinden is om in andere landen fotodocumentaires te maken voor tijdschriften of kranten bijvoorbeeld. Zodat ik twee of drie weken ergens kan blijven om fotoseries van bepaalde leefomstandigheden, onderwerpen of thema’s te maken. Als ik zo’n kans zou krijgen, zou ik dat zeker wel doen. Maar veel langer zou ik in verband met mijn relatie niet weg willen gaan, daar zou ik de grens trekken. Tenzij dat Vera met me mee zou kunnen gaan, want zij is mijn zielsverwant, mijn maatje. Ik zou ook heel graag projecten doen waarvoor ik bepaalde mensen een aantal jaren zou moeten volgen. Ik ben nu bijvoorbeeld vier keer in Armenië geweest, daar zou ik dan een langdurig documentaireproject van willen maken zodat ik de ontwikkelingen door de jaren heen zichtbaar zou kunnen maken. Dat zou dan idealiter ondersteund moeten worden door iemand met journalistieke kwaliteiten.

Wie zou jij zijn zonder je fototoestel?

Dat zou raar en leeg aanvoelen want ik heb altijd mijn fototoestel bij me omdat ik dingen wil vastleggen.

Waar haal jij je inspiratie uit?

Bepaalde inspiratie haal ik uit andere fotografen die mij interesseren. Maar ik kan ook worden geïnspireerd door programma’s of documentaires, of door wat ik zelf meemaak en mensen die ik ontmoet.

Heb je iemand die jouw grote voorbeeld is?

Op persoonlijk vlak is dat mijn vader. Nu moet ik oppassen dat ik daar niet emotioneel van word (krijgt tranen in zijn ogen. Nico’ s vader Cor is 28 december 2013 overleden, red.) Mijn vader was een fijn mens met wie ik heel goed overweg kon. En hij was ook zeer open minded, gemakkelijk in de omgang en modern in zijn opvattingen. Hij maakte met mijn moeder zelfs deel uit van mijn vriendengroep die al sinds de jaren tachtig samen is. Op het vlak van fotografie is Stephan Vanfleteren, een Belgische fotograaf, voor mij de absolute top. Hij is een grootheid en fotografeert alleen in zwart-wit, een documentaire fotograaf pur sang. Hij kan in zijn foto’s de essentie van mensen laten zien.

Werk jij vanuit je hart of vanuit je hoofd? En zien we die manier van werken terug in jouw foto’s?

Ik denk dat ik meer vanuit mijn hart werk en dat is inderdaad te zien in mijn foto’s. Die staan midden in het leven, stralen een bepaalde sfeer uit en hebben vaak een specifieke lichtinval.

Vind jij het belangrijk dat uit jouw foto’s ook een onderliggende boodschap spreekt?

Ik wil niet bewust een bepaalde boodschap meegeven maar die ligt op de een of andere manier toch vaak in de foto opgesloten. Als ik documentaire fotografie doe van mensen of situaties, doe ik dat zodanig dat het zo natuurlijk mogelijk overkomt, alsof mensen niet in de gaten hadden dat ik die foto’s maakte en het dus niet voelbaar is dat ik daarbij aanwezig was. Ik observeer en fotografeer.

Hoe krijg je dat voor elkaar? Want dat lijkt me best wel moeilijk.

Ik denk dat dit een combinatie van factoren is. Ik zorg ervoor dat mensen zich op hun gemak voelen. En ik laat zien dat ik ze respecteer zoals ze zijn. Mensen moeten voelen dat ik ze in hun waarde laat, dat ik ze niet misbruik of belachelijk maak. Zo blijven ze ongedwongen en doen ze niet anders dan anders. Dat is ook zo gegaan met de serie van Jesse en Habib (fotoserie over de muzikant en kunstenaar Jesse die vrijwillig zonder modern comfort overleeft in onze consumptiemaatschappij en samenwoont met de eend Habib, red.). Het contact met Jesse was in eerste instantie heel moeilijk. Hij had geen behoefte om gefotografeerd te worden en wilde ook niet dat er iets in de openbaarheid zou komen. Maar ik ben toch het gesprek aangegaan. Ik heb hem uitgelegd wat de bedoeling was, begrip getoond en uiteindelijk heeft hij er mee ingestemd. Want hij voelde aan dat ik geen dubbele agenda had. Toen hij het eindresultaat zag, zei hij dat dit het mooiste was wat iemand ooit van hem had gemaakt en kreeg ik zelfs toestemming om de foto’s te publiceren op mijn website. Dat vond ik een enorm compliment want dat is een teken dat iemand zich herkent in het beeld dat ik heb vastgelegd.

Tussen beide opleidingen in (van 18 november 2009 tot en met 15 mei 2010) heb je een zes maanden durende sabbatical genomen. Gedurende deze tijd heb je met Vera in een camper door Argentinië en Chili getrokken. Wat heeft deze sabbatical voor jou betekend?

Toen ik hiervan terugkwam was mijn accu volledig opgeladen. Het meest fantastische was dat ik een half jaar lang geen enkele agenda of verplichting had. Iedere dag was 24 uur per dag honderd procent van mijzelf en van Vera. Ik kon iedere dag met haar optrekken (krijgt tranen in de ogen). Ik word er nu nog emotioneel van. We hadden echt tijd voor elkaar, we hoefden ons niet te splitsen, we hoefden geen rekening te houden met andere verplichtingen. Dat samenzijn, alles samen kunnen beleven en delen, is een enorme luxe geweest.

Komt dat gevoel misschien omdat wij in de Westerse wereld in een keurslijf van verplichtingen worden geperst, dat we geleefd worden in plaats van zelf keuzes te kunnen maken?

Ja, ik denk dat dit er ook mee te maken heeft. Ik had een drukke baan waar ik altijd mee bezig was; iedereen heeft verplichtingen en afspraken in onze 24-uurs economie. Winkels zijn langer open, alles moet altijd blijven doordenderen. Ik had te weinig tijd om eens met niks bezig te zijn, om eens niet te hoeven nadenken. In Nederland is het stressniveau heel hoog, de efficiency is doorgeslagen. De menselijke maat is zoek. Dat zie ik overal terug, op het nieuws maar ook bij mensen om me heen.

Denk je dat deze trend – steeds meer moeten doen met minder mensen – ook eindig is, dat er een tegenbeweging zal komen omdat we anders op termijn ten onder zullen gaan aan welvaartsziekten zoals hart- en vaatziektes en daaraan gerelateerde problemen als burnouts en dergelijke?

Ja. Ik hoop dat er een moment van inkeer komt want dit is niet te handhaven.

Hebben deze zes maanden sabbatical jou als persoon veranderd?

Ik heb geleerd om meer te relativeren. We hadden ons na terugkomst voorgenomen om niet meer in te stappen in die mallemolen van “telkens een tandje hoger”, maar iedereen om ons heen was wel daarop ingericht dus daar kun je je niet van distantiëren. Het was een vreemde gewaarwording om te zien hoe snel ik weer terugviel in die oude gewoontes. Nu ik zelfstandige ben, wil ik graag mijn eigen tempo bepalen en mijn eigen keuzes maken qua werk.

Wat was voor jou het hoogtepunt van deze reis?

Het was een aaneenschakeling van prachtige dingen. De uitgestrektheid van het land. De hemel die wit zag van de sterren. De stilte. Antarctica was van een ongekende schoonheid en puurheid, dat was adembenemend. We hadden daar vaak kippenvel en werden overmand door emoties omdat we zo’n schoonheid met eigen ogen mochten zien. Dat raakte ons heel diep van binnen. En we zijn heel veel inspirerende mensen tegengekomen die allemaal hun eigen verhaal hadden. Sommigen hadden het aangedurfd hun baan op te zeggen omdat zij vonden dat er meer was in het leven dan alleen maar werken en huisje-boompje-beestje.

Dat herken ik wel van het tv-programma “Floortje naar het einde van de wereld”; daaruit heb ik geleerd dat je als mens eigenlijk helemaal niet zoveel nodig hebt. Willen we misschien veel te veel?

Bezit kost ook geld. Overal zijn kosten aan verbonden, als je alle bezit wegdenkt heb je ook veel minder geld nodig. We hebben een half jaar in een kleine camper geleefd. Ik heb in die tijd niks gemist dus je kunt met veel minder toe.

Als ik jou vraag waar het echt om gaat in het leven, wat is dan jouw antwoord?

Om geluk en welbevinden. Een goede gezondheid en relatie zijn daarbij belangrijk, maar ook moet je dagelijks iets kunnen doen waar je hart, je passie, ligt.

Durf jij jezelf 100% van de tijd te laten zien zoals je echt bent?

Dat denk ik wel ja.

Heb je wel eens tijden gehad dat je dat niet durfde te doen?

Ik kan in mijn werk niet anders zijn dan hoe ik privé ben. Wat niet wegneemt dat ik in bepaalde situaties misschien wel voorzichtiger ben en de kat iets meer uit de boom kijk, bijvoorbeeld bij mensen die ik minder goed ken. Maar ik ga me niet anders gedragen.

Als je jezelf zou moeten omschrijven, hoe zou je dat dan doen?

Ik denk dat ik een gemakkelijk persoon ben in de omgang, met een zacht karakter. Ik sta open voor anderen en ben behulpzaam en flexibel. En ik heb een bepaalde wilskracht en doorzettingsvermogen.

Wanneer voel jij je ergens thuis?

Als er een ongedwongen sfeer heerst, het gevoel dat je ergens welkom bent. Ik hou niet van opgeklopte toestanden, van poespas of uiterlijke schijnvertoningen. Want dat is niet waar het in het leven om draait.

Geloof jij in de samenhang tussen body-mind-spirit?

Ik geloof wel dat er een connectie bestaat tussen lichaam en geest en dat er een bepaalde balans tussen beide moet zijn.

Ben jij ervan overtuigd dat er iets hogers bestaat?

Ik denk wel dat er waarschijnlijk “iets anders” is. Op welke manier weet ik niet, maar het sterkste heb ik dat gevoel gehad na het overlijden van mijn vader omdat er toen allerlei vreemde dingen zijn gebeurd. Het leek wel alsof hij nog aanwezig was, alsof hij een bepaalde rol had in dingen die gebeurden. Bijvoorbeeld met mijn zus, die had een heel drukke baan met daarnaast een gezin. Mijn vader maakte zich daar heel ongerust over want hij vond dat ze zo niet kon blijven doorgaan. Mijn zus is onlangs haar baan kwijt geraakt en herkent nu ook dat ze te weinig tijd heeft gehad voor zichzelf en dat ze niet langer gelukkig was. Ik vraag me af of mijn vader daar de hand in heeft gehad. Want achteraf is ze blij dat ze nu gedwongen is om andere keuzes te maken.

Als je zo ’s avonds buiten in de tuin zit en kijkt naar de sterrenhemel, wat gaat dan door je heen?

Wat is het leven mooi en wat heb je weinig nodig om gelukkig te zijn. Toen ik tijdens mijn sabbatical voor mijn camper zat en de zeehonden in de Atlantische Oceaan voorbij zag zwemmen dacht ik: het leven wordt niet mooier dan dit. Al die consumptieve prikkels verleiden je tot bezitsvorming die helemaal niet nodig is. Materiële dingen maken je slechts tijdelijk gelukkig. Omdat ik veel reis zie ik veel verschillende, soms schrijnende, leefomstandigheden. Dan denk ik: wat hebben wij het in Nederland toch goed, ondanks dat we zo kankeren op alles. In principe zijn we bevoorrecht dat we hier geboren zijn en hier kunnen wonen en niet ergens anders.

Wat geeft jou positieve energie?

Positieve energie krijg ik van fotograferen. Als ik foto’s maak die mensen mooi vinden, word ik heel gelukkig. Net als van mijn relatie. Met Vera kan ik echt alles bespreken. We hebben veel dezelfde interesses. Verder krijg ik positieve energie van familie en vrienden waar we leuke dingen mee doen. En als ik kan reizen.

Laat jij je in jouw leven ook wel eens leiden door wat je gevoel je ingeeft?

Ik durf in een aantal situaties minder goed te kiezen voor mijn gevoel omdat ik dan bepaalde zekerheden achter moet laten. Dat was ook het geval bij mijn passie voor de fotografie. Het gekke is dat ik aan de andere kant juist heel goed met onzekerheden kan omgaan. Op het vlak van reizen heb ik altijd ongepland gereisd. Vliegticket, rugzak en go! Wat je tegen komt, kom je tegen. Ook tijdens dat half jaar sabbatical had ik een heel open reisplan en heb ik dingen impulsief gedaan, bijvoorbeeld een camper kopen zonder dat ik een idee had hoe ik die in Zuid-Amerika kon krijgen. Natuurlijk kom je onderweg problemen tegen maar alles is op te lossen. Maar als het mijn thuis- of werksituaties betreft en ik moet dan keuzes maken is er toch die drempel. Elke maand moet de hypotheek worden betaald. Grappig is dat ik ooit een assessment heb gedaan waarin de conclusie was dat ik twee kanten heb, de kant die voor zekerheid gaat en de kant die voor het avontuur en de onzekerheid kiest. Dat was heel herkenbaar want dat zit dus allebei in mij. En ik werd er toen al voor gewaarschuwd dat ik vroeg of laat in een spagaat terecht zou komen waardoor ik zou moeten gaan kiezen. Dat is uitgekomen, mij is inderdaad iets overkomen waardoor ik een keuze moest maken. Nu weet ik: als puntje bij paaltje komt, moet je je hart volgen. Als je iets wilt moet je er 100 procent voor gaan, met het risico dat het mislukt.

Als je terugkijkt, wat vind jij dan zelf je grootste persoonlijke succes in je leven tot nu toe?

De successen in de fotografie met als absoluut hoogtepunt de ontmoeting met het Belgische en Nederlandse Koningspaar eind november 2016. Op uitnodiging mocht ik de fotopresentatie samenstellen voor het Ministerium der Deutschsprachige Gemeinschaft Belgiens ten behoeve van het staatsbezoek van het Belgisch koningshuis aan het Nederlands koningshuis in het kader van hun gezamenlijke bezoek aan Vlaams Cultuurhuis de Brakke Grond in Amsterdam. Aldaar heb ik deze mogen presenteren en toelichten aan beide koningsparen. Een enorme eer.

Als je alles nog eens over mocht doen, zou je het dan weer precies zo doen of anders?

Mijn relatie zou hetzelfde zijn. Maar qua werk zou ik van het begin af aan voor de fotografie hebben gekozen.

Welke projecten heb je nog meer gedaan?

Ik doe fotoprojecten voor de Waterleidingmaatschappij, De Limburger en 1Lokaal, met name voor de editie Meerssen. Ook geef ik via Kaleidoscoop workshops fotografie aan het VMBO 1 van het St. Maartenscollege in het kader van ‘Toon je talent’ en aan VMBO 3  in het kader van het project “Door de lens van …”. Een samenwerkingsproject tussen Tout Maastricht, Kaleidoscoop en het Sint Maartenscollege. Hierbij wordt Maastricht gefotografeerd door de ogen (c.q. de lens van) ouderen en jongeren. Dit heeft geresulteerd in een reizende foto-expositie. Verder geef ik via ForumBeeldtaal online fotoworkshops “Documentaire fotografie”. In samenwerking met een andere fotograaf heb ik ook een fotopresentatie bij een muziekstuk gemaakt voor de opening van het nieuwe Center Court van Brightlands op het Chemelot terrein.

Tenslotte wil ik graag weten welk advies jij de lezers van dit interview zou willen meegeven.

Blijf altijd dichtbij jezelf en volg je hart. Doe de dingen waar je gelukkig van wordt en probeer daar je beroep van te maken.

 

© Pascale Bruinen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

0 replies

Leave a Reply

Want to join the discussion?
Feel free to contribute!

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

For security, use of Google's reCAPTCHA service is required which is subject to the Google Privacy Policy and Terms of Use.

If you agree to these terms, please click here.