Berichten

Ki-kracht (2)

Op 28 november 2018 volgde ik de workshop Ki-kracht van Hans Peter Roel, een auteur die ernaar streeft om Oosterse wijsheid in onze Westerse wereld te integreren. Na een heftige burnout bracht hij ter bezinning langere tijd door in een boeddhistisch klooster hoog in de Himalaya. Daar kwam hij in aanraking met de kracht van Ki, dat ook wel Chi of Qi wordt genoemd. Een oerkracht of levensenergie die je lichaam nodig heeft om goed te functioneren. Iedereen heeft Ki in zich. Als je weet hoe je deze moet gebruiken ervaar je meer energie en ontspanning en krijg je meer inzicht in je diepste zelf.

Nadat we een voorstelrondje hebben gedaan, stelt Hans Peter voor dat we intuïtief een buddy zoeken, iemand met wie we een bepaalde connectie voelen en met wie we de Ki-oefeningen moeten gaan doen. Voor mij niet zo moeilijk omdat ik meteen een heel goed gevoel heb bij mijn buurvrouw. Het lijkt net is alsof ik haar al langer ken. Dit blijkt gelukkig geheel wederzijds.

Hans Peter gaat staan en laat zien hoe we in onze Ki kunnen gaan staan. Rechtop, met de knieën iets gebogen en met het gewicht voor 70% op onze voorvoeten. De armen mogen ontspannen langs het lichaam hangen, het hoofd rechtop, alsof er een touwtje aan onze kruin zit. Het zwaartepunt moet altijd beneden liggen, vandaar de focus op je Ki-punt (vanaf de navel drie horizontale vingers recht haar beneden) of daar waar je voeten contact maken met de aarde.

Al snel moeten we zelf aan de bak. Ik moet haaks op mijn buddy gaan staan. Zij moet haar linkerarm gestrekt voor zich uit houden en zoveel mogelijk kracht zetten. Ik moet proberen om desondanks haar arm naar binnen te buigen. Hoewel ze duidelijk de spieren in haar arm aanspant, slaag ik er na een tijdje toch in haar arm te buigen. Vervolgens moet zij dezelfde arm weer gestrekt houden maar dan op een ontspannen manier met een volledig relaxte hand (dus naar beneden bengelend). Gevraagd wordt dan dat ze zich een voorstelling maakt van hoe de enorme Ki-kracht als water uit een brandslang door haar arm gaat en via haar vingers tot aan het plafond spuit. Als mijn buddy zover is, probeer ik opnieuw haar arm naar binnen te buigen. Maar hoeveel kracht ik ook zet, het lukt me niet. Verbijsterd kijken we elkaar aan. Als we het andersom proberen is het resultaat hetzelfde.

Oefening na oefening maakt duidelijk; als we in onze Ki-kracht staan, dus zonder enige weerstand te bieden, zijn we op ons sterkst. Dit lijkt in tegenstelling met elkaar, maar toch werkt het zo. Op het moment dat ik, gezeten op handen en knieën, te horen krijg dat vanuit de grond een enorm sterke tegenkracht komt, blijkt het voor mijn buddy een fluitje van een cent om mijn arm op te tillen. Maar wordt daarentegen gezegd dat mijn handen helemaal in de grond zijn verankerd, dan blijkt dit enkele beeld voldoende om mijn arm niet van de grond te kunnen krijgen.

De meest tot de verbeelding sprekende oefening is echter die waarin ik door Hans Peter naar voren word geroepen als ‘proefkonijn’.  Ik moet tussen hem en een van de andere (schaarse) mannen gaan staan. Beide heerschappen torenen links en rechts boven mij uit. Ik krijg de opdracht om al mijn kracht te gebruiken om te blijven staan terwijl beide mannen mij onder de arm nemen en mij proberen op te tillen. Ondanks dat ik me schrap zet zweef ik meteen al zeker dertig centimeter boven de grond. Daarna moet ik juist in mijn Ki-stand gaan staan, ontspannen dus en met de focus op de plek waar mijn voeten de grond raken. Als ik aangeef dat ik zover ben, proberen ze het opnieuw. Dit keer krijgen ze me, ondanks rood aangelopen hoofden en maximale krachtsinspanning, nog geen millimeter van de grond. Tot mijn eigen verbazing voelt het voor mij alsof ik vastgebeiteld zit in de vloer. Een zeer bjzondere gewaarwording. Zo blijkt telkens weer overduidelijk uit alle oefeningen dat het lichaam altijd de geest volgt.

Tegen 18.00 uur loopt de workshop ten einde. Iedereen heeft het gevoel dat de vier uren zijn omgevlogen. Hans Peter signeert nog wat boeken en in de zaal nemen nieuwe vrienden en vriendinnen op een warme manier afscheid van elkaar.

Onze gezamenlijke Ki-energie zal nog lang zijn blijven na-ijlen, daar in het mystieke witte kerkje in Baarn.

Ki-kracht (1)

Op 28 november 2018 volgde ik de workshop Ki-kracht van Hans Peter Roel. Voor wie hem niet kent: Hans Peter Roel is een auteur die ernaar streeft om Oosterse wijsheid in onze Westerse wereld te integreren. Na een heftige burnout bracht hij ter bezinning langere tijd door in een boeddhistisch klooster hoog in de Himalaya. Daar kwam hij in aanraking met de kracht van Ki, dat ook wel Chi of Qi wordt genoemd. Een oerkracht of levensenergie die je lichaam nodig heeft om goed te functioneren. Iedereen heeft Ki in zich. Als je weet hoe je deze moet gebruiken ervaar je meer energie en ontspanning en krijg je meer inzicht in je diepste zelf.

Jaren geleden heb ik zijn boeken Ki, Kracht van binnenuit en De vierde dimensie gelezen. Toen al had ik me voorgenomen om ooit een van zijn workshops te volgen en onlangs was het dus eindelijk zover. In het even mystieke als gezellige witte kerkje van Baarn ben ik een van de 27 deelnemers, onder wie slechts vier mannen. Of dit laatste iets betekent en zo ja wat, laat ik hier verder in het midden.

Na ontvangst met koffie, thee en Sinterklaas lekkernijen gaan we in een grote stoelenkring zitten. Hans Peter, brede glimlach en zijn lange slanke gestalte gestoken in donkerblauw hemd met jeans en sneakers, heeft er zin in. Ondanks zijn 54 jaar valt zijn jeugdige uitstraling meteen op, als ook zijn kalme vriendelijkheid (je bent Ki-kracht trainer of je bent het niet). Hij begint met een warm woord van welkom en met een korte uitleg wat Ki-energie precies is. Vervolgens kondigt hij aan dat we in vier uur tijd vele oefeningen zullen gaan doen om deze kracht aan den lijve te ervaren.

Maar eerst komt hij langs met een stapel kaartjes met daarop verschillende spreuken. Ze liggen ondersteboven zodat de spreuken niet zichtbaar zijn. Iedere deelnemer mag zelf een kaart kiezen. Als iedereen een kaart heeft gepakt, worden we één voor één verzocht te zeggen wie we zijn, voor te lezen wat er op het kaartje staat en aan te geven of we de spreuk herkennen in onze levensfase. Als ik mijn kaartje voorzichtig omdraai, zie ik de woorden: ‘Je kunt de rivier niet duwen’. Met een schok realiseer ik me dat ik geen treffender kaartje had kunnen trekken. Want laat dit nu precies mijn grootste valkuil zijn! Altijd alles willen oplossen voor iedereen, koste wat het kost. Maar soms is de timing niet goed of wil iemand niet geholpen worden. Mijn leermoment is om mensen hun eigen fouten te gunnen, daar hebben ze recht op. Iemands pad loopt zoals het loopt voor een reden. Het beste dat ik kan doen is er eenvoudigweg zijn voor de ander en voorleven, met andere woorden laten zien hoe mooi het leven kan zijn als je je hart volgt. Dit doe ik inmiddels iedere dag, dus ik moet de rivier gewoon lekker verder laten stromen.

Tijdens het voorstelrondje luister ik met stijgende verbazing hoe de één na de ander voorleest wat er op het kaartje staat en vervolgens zichtbaar verrast vertelt hoe toepasselijk de spreuk momenteel voor hem of haar is. In sommige gevallen gaat de reactie op de spreuk zelfs zo ver dat mensen spontaan geëmotioneerd raken, compleet met tranen in de ogen of een hakkelende stem. De spreuken zijn allemaal verschillend en de deelnemers ook, maar toch is er keer op keer een perfect match. Uiteindelijk blijken de kaartjes in 100% van de gevallen (!) exact het dilemma of de situatie te verwoorden van degenen die ze getrokken hebben. Als dit in volle omvang tot me doordringt, voel ik een diep gevoel van dankbaarheid en ontroering opkomen.

Weer een voorbeeld dat toeval niet bestaat maar dat er een onzichtbare organiserende kracht is die ervoor zorgt dat we – als we ervoor open staan – precies op het juiste moment tot een noodzakelijk besef komen.

Volgende week het vervolg in deel 2!